Melancholia?

“Waar is den tijd van toen
die goeien tijd van toen ge met ‘ne frang
nog wondere kon doen”

Vrees niet, ik ben allesbehalve melancholisch. Maar toen ik afgelopen weekend dit stukje uit een nummer van de Strangers (jawel, mijn vader is fan) hoorde, moest ik toch even stilstaan bij alle veranderingen die zich de afgelopen jaren hebben voorgedaan. Zo herinner ik mij maar al te goed mijn blijdschap bij het krijgen van 100 frank van mijn grootouders en hoe vervelend het was om die onhandige eerste identiteitskaart in mijn portefeuille te krijgen. Tegenwoordig kunnen we ons zulke taferelen niet meer voor de geest halen, tijden veranderen en we moeten mee met onze tijd, willen of niet…

Online overheid

Waar we een aantal jaren geleden nog voor de kleinste pietluttigheid naar het stadhuis moesten trekken, kunnen we tegenwoordig bijna alle problemen via het internet oplossen. Zo is er vandaag de dag de e-overheid, het digitale broertje dat het contact tussen burgers en de overheid zou moeten vergemakkelijken. Op papier oogt dit allemaal heel mooi, maar de realiteit is toch minder rooskleurig. De e-overheid is namelijk eerder een middel om administratieve hervormingen door te voeren.

Het rapport Boosting the Net Economy (2000) waarschuwt ons zelfs dat de e-overheid een grensoverschrijdend karakter kan aannemen. Er wordt nog niet gevreesd dat nationale overheden in de wereld moeten concurreren om de gunsten van hun onderdanen, maar het is wel duidelijk dat we wel degelijk moeten opletten met deze digitale overheden. J.E.J. Prins (2001, p. 1) verklaart hierover het volgende: “In een virtuele wereld waar nationale grenzen hun relevantie verliezen en burgers vrij toegang hebben tot de wereldwijd beschikbare informatie en diensten, zullen deze burgers zich ook in toenemende mate bewust worden van de verschillen tussen wat hun eigen nationale overheid heeft te bieden en wat er in het buitenland ‘te koop’ is.”

Het blijft dus voorlopig nog koffiedik kijken hoe deze E-overheid gaat evolueren. Zoals bij vele aspecten van de technologie het geval is, zit er hierin heel wat potentieel, maar de mogelijke gevaren en problemen mogen we niet zomaar naast ons neerleggen.

In love with Obama

Maar niet alleen op overheidsvlak kent de digitalisering een boost, ook de politiek en de digitalisering gaan steeds meer hand in hand. De nieuwe technologieën worden door politieke partijen en verkiezingskandidaten dan ook steeds meer en meer gebruikt om campagne te voeren. In België staat dit fenomeen nog in de kinderschoenen, maar in de Verenigde Staten is het al volledig ingeburgerd.

De doelstelling van deze e-campagnes is een grotere mobilisatie van de kiezer. Onzin volgens u? Ga dan maar eens een hartig woordje bespreken met Barack Obama. De Amerikaanse president voerde namelijk hevig campagne via sociale netwerksites. Daarnaast maakte Obama ook gebruik van de zogenaamde MyBo databases. Via http://my.barackobama.com kon de Amerikaanse burger zich kandidaat stellen als vrijwilliger of een som geld doneren via het internet. Ook op YouTube was de kersvers herkozen president zeer actief tijdens zijn campagnevoering, zo zijn er meer dan 1800 filmpjes van hem te vinden.

En over Youtube gesproken, herinnert u zich nog de Obama Girl die in 2008 opstal maakte met een filmpje waarin ze haar adoratie voor de presidentskandidaat niet onder stoelen of banken stak? Wie dacht dat de populariteit van Obama hierdoor zou slinken, was aan het verkeerde adres. Natuurlijk wil ik jullie deze internetsensatie niet onthouden…

Bij de verkiezingen van dit jaar verscheen er zelfs een filmpje van de Obama boy. Naar aanleiding van het pro-homohuwelijkstandpunt van Obama, publiceerde hij zijn eigen R&B-versie van ‘I have a crush on Obama’.

Of Obama zijn herverkiezing alleen maar te danken is aan zijn e-campagne, hoor je mij niet zeggen. Feit is wel dat het internet volgens Talbot (2008) een zeer positieve invloed heeft gehad op de populariteit van Mister president. Toch was Obama niet de eerste die digitale campagne voerde. Howard Dean, eveneens een democratische Amerikaanse politicus, slaagde er in een zeer succesvolle internetcampagne op poten te zetten waarbij hij heel wat steun van de bevolking kreeg en waardoor er heel wat geld in het laatje kwam. Ondertussen horen blogs, podcast, sociale netwerksites zoals Facebook en Twitter en Youtube al tot het gewone elektorale arsenaal in de States. Europa hinkt echter nog wat achterop, maar het is slechts een kwestie van tijd vooraleer de verkiezingsgekte ook op het internet zijn intrede maakt.

Burgers baas!

E-democratie betekent volgens Van Gompel, Steyaert en Kerschot (2007) het gebruik van nieuwe informatie- en communicatietechnologieën. Het internet, smartphones en de digitale televisie bieden hierbij heel wat mogelijkheden. Door deze nieuwe technische snufjes kan ook de gewone sterveling steeds actiever deelnemen, participeren, aan het politieke gebeuren in een land.

Van Gompel, Steyaert en Kerschot onderscheiden in hun onderzoek vier gradaties van participatie. Ten eerste wordt de burger door de overheid geïnformeerd en op de hoogte gehouden van het beleid. Daarnaast vraagt de overheid haar burgers tegenwoordig ook om feedback te geven over datzelfde beleid. Ten derde kunnen inwoners van een land nu ook actief deelnemen en meedenken met de overheid. Ze kunnen namelijk zelf beleidsproblemen en zelfs oplossingen formuleren. Tot slot kan de burger tegenwoordig rechtstreeks meebeslissen met de overheid. Er is dus sprake van een hiërarchische verdeling, hoe hoger men op de ladder gaat, hoe meer actieve inbreng een burger kan hebben.

E-participatie is dus de manier bij uitstek om maatschappij en politiek op elkaar af te stemmen. Doordat ze kunnen participeren, geven inwoners veel preciezer weer wat hun wensen, problemen en behoeften zijn. Er is echter een probleem met de representativiteit: de stem van de sterk gemotiveerde minderheid gaat namelijk zwaarder doorwegen dan die van de minder geïnteresseerde minderheid. Zo gaat Jan met de pet, die misschien wel zeer belangrijke punten heeft aan te merken, minder snel aanhoord worden dan een grote groep die collectief gaan participeren.

Om eerlijk te zijn, de e-participatie en de e-overheid zijn voor mij een ver-van-mijn-bedshow. En dat mag, als het van mij afhangt, nog zo even blijven. Ik ben zeker een voorstander van de digitalisering, maar we moeten hier niet in overdrijven. Ik zie mijn buurvrouw van 73 nog niet dadelijk gebruik maken van de website van de overheid. En het is toch net de bedoeling om de digitale kloof te dichten? Niet nog een beetje groter te maken… Hmm, ik zei dat ik niet melancholisch was, maar nu begin ik er toch zelf wat aan te twijfelen… (GVS)

Bronnen

Advertisements

Een gedachte over “Melancholia?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s